+31 (0) 6 44272469
info@idnl.org

De identitaire beeldenstorm

De identitaire beeldenstorm

De werkgroep ‘IDNL’ (Identitair Nederland) streeft de verspreiding na van het identitaire gedachtengoed in Nederland. Wij putten onze inspiratie uit de identitaire beweging, die overal in het Westen een grote bloei doormaakt. Deze identitaire beweging staat echter in een breder kader. Guillaume Faye heeft dit kader de naam ‘archeo-futurisme’ gegeven. Het gaat over het terug opbloeien in onze vervallen maatschappij van de Traditionele ‘virtus’ (kracht/karakter), die de weg wijst naar een toekomst die het oude en het nieuwe verenigt, of juister: het oeroude en het futuristische. Onderstaand essay plaatst de identitaire beweging in haar Nederlandse en archeo-futuristische kader.

De Identitaire Beeldenstorm

In memoriam Pim Fortuyn

Ante portas

(Voor de poorten van de macht)

IDNL is een gloednieuwe groep binnen een gloednieuwe beweging – de Identitaire Beweging. Deze in omvang en intensiteit snel toenemende beweging, hoofdzakelijk gevoed en gedragen door een nieuwe generatie, bepaalt nu al de richting en toon van het maatschappelijk debat in de Westerse wereld. Om de plaats te preciseren die IDNL binnen die grotere beweging inneemt is het belangrijk eerst die beweging zelf nauwkeuriger te definiëren.

De oorsprong van de Identitaire Beweging ligt in de – in toenemende mate als definitief beleefde – vertrouwensbreuk tussen de Westerse volkeren en hun heersende elites in het zicht van het naderend hoogtepunt van de ‘Crisis van het Postmoderne Westen’. Het traject van deze crisis, zelf onderdeel van wat Jason Jorjani als een grotere World State of Emergency betitelt, wordt bepaald door een aantal samenvallende existentiële dreigingen. De Westerse volkeren staan voor levensbedreigende ontwikkelingen die zich steeds dringender en zichtbaarder aandienen, maar die door hun heersende elites niet alleen publicitair worden verhuld, maar ook politiek worden bevorderd. De antropogene klimaatcatastrofe (aardopwarming, seizoensverschuiving, exoteninvasie) vernietigt de natuurlijke biotoop van de Westerse volkeren, maar wordt door hun elites welbewust bevorderd via geïntensiveerd consumentisme (obsessief massatoerisme, autobezitcultus, versnellende consumptiecycli). Het technocratisch transhumanisme (biohacking, prolongevity, transgenderism) ondermijnt tegelijk de levensaard van de Westerse volkeren, maar wordt door hun elites doelbewust bevorderd via psychosociale ‘deconstructie’ en medischtechnische manipulatie: seksuele geaardheid, geslachtsidentiteit en lichamelijke persoonlijkheid worden zo afgedaan als ‘life style opties’. De etnische vervanging (sui-genocide, Umvolkung) bedreigt daarnaast het historische kernterritorium van de Westerse volkeren, maar wordt door hun elite opzettelijk bevorderd via anti-natalistisch beleid naar binnen en neo-liberaal ‘open grenzen’ beleid naar buiten. De sociale implosie (hyper-individualisme, wegwerprelaties, buitenechtelijke voortplanting) ‘deconstrueert’ tenslotte de maatschappelijke cohesie van de Westerse volkeren, maar wordt door hun elite structureel bevorderd via atheïstische indoctrinatie en matriarchaal sociaal beleid. Sinds het begin van de ‘lange mars door de instituties’ van de soixante-huitards, dit jaar precies een halve eeuw geleden, heeft de babyboomer elite van het Westen zich gestaag ontwikkeld in de richting van een totalitair regime: zij begint nu openlijk haar ware gezicht te tonen als een hostile elite, een ‘vijandige elite’. Haar Machtergreifung voltrekt zich onder onze ogen. Haar ideologie is filosofisch gebaseerd op een tot uiterste absurditeit doorgetrokken historisch materialisme en zij kenmerkt zich door militant secularisme, sociaaldarwinistisch neoliberalisme, narcistisch hyperindividualisme en dogmatisch cultuurrelativisme – hier wordt dit grotendeels subrationeel gelokaliseerd conglomeraat gemakshalve gedefinieerd als Cultuurnihilisme.

De macht van deze universalistisch denkende, kosmopolitisch voelende en globalistisch opererende hostile elite berust op transnationale structuren en instituties die zich systematisch onttrekken aan zowel soeverein nationaal gezag als authentieke democratische controle. De regie over deze transnationale ‘spookstructuren’ (‘internationale marktwerking’, ‘internationale verdragen’, ‘Europees monetair beleid’, ‘Europese wetgeving’) en ‘letter instituties’ (IMF, WTO, UN, UNHCR, EU, ECB, NATO) berust feitelijk bij een kleine groep nieuwe ‘wereldheersers’ die anoniem en boven de wet kunnen opereren binnen de gesloten sfeer van de high finance kartels en de industriële multinationals. Het effectief resultaat is een nauw verweven netwerk van globaal opererende ‘maffiabendes’. Deze Nieuwe Wereld Orde van het postmoderne globalisme lijkt in bepaalde opzichten – met name in de informele structuur en de shadow state functionaliteit – op de Cosa Nostra: de leiding gevende godfathers blijven altijd discreet op de achtergrond, maar zij worden bijgestaan door gedegen in politicologie, rechten en economie opgeleide consiglieri uit gerenommeerde internationale universiteiten, advocatenkantoren en boekhoudbedrijven. Hun beleid wordt op nationaal niveau uitgevoerd door nominaal onafhankelijke caporegimes: talentvolle politici en bestuurders die zich conformeren aan de ongeschreven regels van hun old boys network – en aan de subtiele omertà van hun sociëteitsleven. De huidige comateuze staat van de Westerse democratieën, gekenmerkt door dichtgetimmerde partijkartels, politiekcorrecte mediaconglomeraten en cognitiefdissonante zwijgplicht, wordt verklaard door de overname van binnenuit van het Westerse nationale politieke en publieke leven door deze globalistische maffia. Om een façade van legitimiteit op te houden moet de schijn van parlementaire, juridische en journalistieke autonomie op nationaal niveau blijven bestaan, maar het effectieve beleid is altijd transnationaal en – bovenal – antinationaal. Op de lange termijn betaalt de vijandige elite hiervoor echter op nationaal niveau een hoge prijs: een totaal en definitief verlies van geloofwaardigheid en legitimiteit. Gerekend vanaf het begin van de postmoderne tijd (gemarkeerd door de val van de Berlijnse Muur, de Sovjet Unie en de Zuid-Afrikaanse Apartheid alsmede door de opkomst van de EU, de Euro en het World Wide Web) is inmiddels een volle generatie globalisme verstreken – de oude vormen en het oude discours van de gecombineerd neo-liberale/cultuur-marxistische dictatuur zijn hopeloos achterhaald. Wat overblijft, is een totalitaire transnationale machtsmachinerie die straffeloos kan opereren in het psycho-historische en sociaal-culturele vacuüm van het Westerse neo-matriarchaat. Dit matriarchale vacuüm wordt gekenmerkt door hedonistisch-orgiastische vormgeving in de publieke sfeer en sado-masochistische omkering van alle authentieke vormen van hiërarchie en identiteit. Elders is deze cultuur-historische achtergrond en de sociaal-culturele uitwerking van het Westers neo-matriarchaat uitgebreid beschreveni – hier volstaat het te zeggen dat de geboorte van de Identitaire Beweging kan worden begrepen als een dubbel psycho-historische en sociaal-politieke reactie: een reactie zowel op de totalitaire dictatuur van de globalistische hostile elite als op de matriarchale conditionering waaraan zij haar macht ontleent.

De politieke geboorte van de Identitaire Beweging kan worden gedateerd in de jaren 2015-16, ten tijde van de openlijke Machtergreifung van het totalitaire matriarchaat: de openlijk demofobe en extreem feminiserende verkiezingscampagne van matriarch Hillary Clinton in Amerika en de openlijk xenofiele en extreem antinationale ‘open grenzen’ campagne van matriarch Angela Merkel in Europa. Met haar va banque strategie richting openlijk totalitair globalisme en met haar opgeven van de laatste schijn van nationale soevereiniteit en wetshandhaving liet de hostile elite van het postmoderne Westen haar ware gezicht zien – maar zij vergistte zich in haar timing. In beslag genomen door haar eigen narcistische obsessies met ‘marketing’ en ‘beeldvorming’ vatte de hostile elite het jarenlang ontbreken van serieuze politieke en publicitaire weerstand op als een teken dat de overlevingswil en het overlevingsinstinct van de Westerse volkeren definitief waren gebroken. De hostile elite zag haar eigen spiegelbeeld – de politiek-correcte consensus van haar eigen media en academia – aan voor de werkelijkheid. Het resultaat van deze misrekening was een politiek fataal ricochetschot aan beide zijden van de Atlantische Oceaan: het Britse volk koos voor ‘Brexit’, het Amerikaanse voor Donald Trump, het Oostenrijkse voor Sebastian Kurz en het Italiaanse voor de Vijfsterrenbeweging. Zelfs in het door zeven decennia anti-nationale indoctrinatie psycho-sociaal gecastreerde Duitsland is de institutionele status quo verbroken: met de AfD is een authentiek nationalistische oppositie nu een realiteit in de Bondsdag. In de historische context van de postmoderne nihilistisch-hedonistische conditionering van de Westerse volkeren kan deze politieke ontwikkeling worden opgevat als het eigentijdse equivalent van de klassieke volksopstand. Zelfs in de dichtgeslibde kanalen van de postmoderne Westerse ‘democratie’, gekenmerkt door decennia diepe sedimenten van institutionele corruptie, politieke kartelvorming, en politiek-correcte mediacensuur, wordt de vloedgolf van volkswoede merkbaar. Zelfs in de stilstaande ‘dode moerassen’ van het Nederlandse politieke landschap – misschien wel het veiligste tuinvijvertje van de Westerse hostile elite – gaan kleine rimpelingen door de parlementaire wateren. De meermaals smalend afgeschreven ‘oude populisten’ van de PVV maken een electorale comeback. En naast hen in de Tweede Kamer zit voor het eerst een tweede patriottische partij: twee keurige heren van het FvD doen hun intrede in het parlementaire circus om daar een beschaafd alt-light – vele kiezers hopen een alt-right – geluid te laten horen. De Identitaire Beweging nadert de politieke macht – de Barad-dûr van de hostile elite wankelt. Het demofobe cordon sanitaire van de kartelpolitiek, het gladgestreken business as usual van high finance en het cynische zwijgcomplot van de Lügenpresse mogen het leven van de hostile elite nog enige tijd kunstmatig rekken, maar het zijn niet meer dan krampachtige pogingen om de faillissementsverkoop van de machtsinstituties en de begrafenis van een volkomen uitgeleefd wereldbeeld nog voor een paar jaartjes uit te stellen. Maar hoe langer dit uitstel duurt en hoe hoger men de nooddijken opwerpt tegen het identitaire getij, hoe groter de catastrofale stormvloed die uiteindelijk het hele afgeleefde cultuurnihilistische bestel en de hele globalistische hostile elite zal wegvegen. Tot die tijd is het voor identitaire denkers en doeners belangrijk om zich te bezinnen op manieren om de aanstaande stormvloed enigszins in goed banen te leiden en om zoveel mogelijk waardevol cultureel erfgoed in veiligheid te brengen. De eerste vage contouren van de nieuwe wereldorde die ligt aan de nu nog verre overzijde van de eindcrisis de Westerse postmoderniteit beginnen al zichtbaar te worden. Zij duiden de richting en betekenis van de veel grotere historische revolutie waarvan de identitaire beweging slechts de voorbode is: de archeo-futuristische revolutie.

Procellaria pelagica

(De stormvogel van de archeo-futuristische revolutie)

Alles is duister, als ware men in het demonenrijk,
waar woeste natuurelementen dansen op de tonen
van de stormvogel zijn huiveringwekkend gekrijs…

De stormvogel krijst de komst van het woeste weder…
– Rudy Vermeulen

Elders kunt u een beschrijving van de synthetische filosofische grondslag en de anagogische cultuurhistorische inzet van de opdoemende archeo-futuristische revolutie vindenii – hier is echter de juiste plaats om iets te zeggen over de maatschappelijke uitwerking die deze revolutie zal hebben. De identitaire beweging is de voorbode van deze revolutie: voor de generatie die hiernaar uitziet heeft zij de functie van wegbereider – en ‘trooster’. De troost die zij biedt is deze: zij kondigt aan dat het tij van de geschiedenis gekeerd is en dat de wereld van het cultuurnihilisme gedoemd is spoedig te verzinken in roemloze vergetelheid. De wegbereidersfunctie van de identitaire beweging is het duidelijkst zichtbaar in het feit dat zij de cultuurnihilistische hostile elite voor eens en altijd de moral high ground ontneemt. De universalistisch-verlichte en kosmopolitisch-humanistische ideologie waarop het gezag en de geloofwaardigheid van de dubbel neo-liberale/cultuur-marxistische hostile elite is gebaseerd is ethisch en moreel failliet. De door de hostile elite gedurende haar lange mars door de instituties achteloos weggeworpen ‘ballast’ van ethische autoriteit en morele geloofwaardigheid liggen onbeheerd op straat: een simpel oprapen maakt ze tot het exclusief bezit van de identitaire beweging. Het is deze beweging die nu voor de rechten van inheemse volkeren staat: voor het recht van ieder volk, ook de Westerse volkeren, op een eigen identiteit en een eigen plaats onder de zon – zonder afgedwongen multiculturele ‘diversiteit’ en zonder gemanipuleerde sociale ‘deconstructie’. Het is de identitaire beweging die nu voor de rechten van de arbeidersklasse staat: voor het recht van jonge mensen op redelijke bestaanszekerheid en fatsoenlijke beloning – zonder concurrentievervalsende ‘arbeidsmigratie’ en zonder tribuutplicht aan een cynische ‘asielindustrie’. Het is de identitaire beweging die nu voor de rechten van de vrouw staat: voor het recht van alle meisjes en jonge vrouwen om ooit echtgenoot, moeder en grootmoeder te kunnen zijn in plaats van alleen maar arbeidskracht, marketing doelgroep en stemvee. Het is de identitaire beweging die nu voor dierenrechten en bio-ethiek staat: voor de strijd tegen barbaarse ‘rituele slacht’ en mensonterende bio-industrie.

En zo is het de identitaire beweging die – totaal onverwacht en totaal onvermoed – nu de lang vervlogen échte idealen van soixante-huit doet terugkeren in het publieke debat en in de politieke sfeer. De lang oningeloste belofte van de utopische ‘universele hervorming van de mensheid’, zoals gesymboliseerd in de ewige Blumenkraft en flower power van de jaren zestig, valt nu als een rijpe appel in de schoot van de identitaire beweging: het is aan haar om deze belofte realistisch op te vatten en haar realistisch gestalte te geven in de beperkte setting van elk afzonderlijk Westers volk, waar ze kan voortbestaan als voor-geleefd voorbeeld. Want als wegbereider van de archeo-futuristische revolutie is de identitaire beweging ook de ‘nachtwacht’ die moet uitzien naar de dageraad. Deze gouden dageraad betekent: het inlossen van tegelijk oeroude en gloednieuwe beloften en het verwezenlijken van tegelijk oeroude en gloednieuwe mogelijkheden. Deze verwezenlijking van de archeo-futuristische revolutie is in de eerste plaats een metahistorische catharsis. De identitaire beweging kan elementen van deze komende catharsis al benoemen: Jubeljaar (‘collectieve schuldsanering’ – een einde aan bankendictatuur en woekereconomie), Amnestie (‘collectieve gratieverlening’ – een einde aan partijpolitiek en maatschappelijke tweedeling), Manumissio (‘slavenbevrijding’ – de repatriatie van gastarbeiders en ontheemden), Gaia-principe (‘bio-ethische revolutie’ – het einde van industriële ecocide en bio-industrie) en Purificatie (rituele reiniging – her-inwijding van ontheiligde plaatsen). Het resulterende restitutio in integrum impliceert het vervullen van de Faustiaanse lotsbestemming van de westerse volkeren: het voor-leven van zelfovertreffende ideaalvormen. Ook voor de Nederlandse identitaire beweging is de reis naar deze verheven eindbestemming begonnen. Het is aan de jonge mensen van het Westen om de reis te maken waarvan de soixante-huitards droomden maar waaraan zij nooit begonnen – het is aan de westerse génération identitaire om de juiste koers te vinden.

And the ship went out into the High Sea and passed into the West, until at last on a night of rain [there was] a sweet fragrance on the air and… [a] sound of singing that came over the water. And then… the grey rain-curtain turned all to silver glass and was rolled back, white shores and, beyond them, a far green country under a swift sunrise.

J.R.R. Tolkien

In hoc signo vinces


(of: In het teken van de gouden dageraad)

In haar hoedanigheid van wegbereider van de archeo-futuristische revolutie en van nachtwacht voor de gouden dageraad is de identitaire beweging gehouden zich te conformeren aan de archetypische symboolvormen van de westerse Traditie. Dat betekent bovenal dat zij gehouden is zich het boreale kernsymbool van de cyclische wedergeboorte opnieuw toe te eigenen: Sol Invictus Augustus. In dit symbool staat de glorieuze terugkeer van de (onoverwinnelijke) zon gelijk aan de verlossende ‘terugkeer van de koning’: de natuurlijke (astronomische) cyclus van duisternis en licht wordt geassocieerd met de culturele (historische) cyclus van chaos en order. In de oude Indo-Europese Traditie staan het zonnerad en de zonnekrans symbool voor de het herstel van de authentieke autoriteit van de legitieme Katechon – zo is de oud-Iraanse Derafsj-e Kāvīān nog terug te vinden in de huidige standaard van de president van Tadzjikistan. Na elke kosmische nacht van wetteloosheid bewerkstelligt de terugkeer van de Katechon het herstel van de Nomos. Elders is beschreven hoe de begrippen Katechon en Nomos relevant zijn voor de door de identitaire beweging nagestreefde wedergeboorte van de westerse beschavingiii – hier volstaat het te zeggen dat de zege van de zon over de nacht betekent symbool staat voor de overwinning van het principe van transcendent-immateriële orde over immanent-materialistische oerchaos. Het betreft een door alle Traditionele culturen mythisch beschreven kosmische strijd, cultureel-antropologisch beschreven in de binaire oppositie man/zon/wit/noord:vrouw/maan/zwart/zuid. In de huidige crisis van het postmoderne Westen komt dit oude kosmische strijdmotief in toenemende mate weer expliciet bovendrijven op de deels overlappende breuklijnen tussen patriarchaat-matriarchaat (man:vrouw), Christendom-Islam (zon:maan), blank-niet-blank (wit:zwart) en Eerste Wereld-Derde Wereld (noord:zuid). Een correcte positionering in dit veelpartijenconflict hangt voor de westerse identitaire beweging mede af van een reactivering van de archetypische Indo-Europese kernsymboliek. Gegeven de van nature behoudende en sobere aard van het Nederlandse volk, en aansluitend bij haar christelijk beschavingsgeschiedenis, kiest IDNL daarbij voor een conservatief ‘zwart-witte’ en historisch gekerstende versie van het zonnemotief.

Het eerste letterpaar van IDNL staat niet alleen voor ‘IDentiteit’, maar ook voor een nieuwe opvatting van die identiteit: een nieuw ‘IDee’ over identiteit – en de over consequenties van identiteit. IDNL staat voor een maatschappelijk herinrichting in overeenstemming met alle authentieke vormen van identiteit: een correcte omgang met natuurlijke identiteit (geslacht, leeftijd, talent) en culturele identiteit (stand, godsdienst, taal). En bovenal voor een maatschappelijke herwaardering van onze Nederlandse identiteit – een dubbel natuurlijk-culturele identiteit, want elke etniciteit kent zowel bio-evolutionaire als cultuur-historische uitdrukkingsvormen. Het tweede letterpaar van IDNL staat dus voor Nederlanderschap als authentieke identiteit. Niet het ‘Nederlanderschap’ van de gezichtsloze homo aeroporticus met een handig reisdocument om gladjes te pendelen tussen zijn penthouse in Scheveningen, zijn timeshare villa op Long Island, zijn buitenhuis in Toscane en zijn vakantieadres op de Malediven. Niet het ‘Nederlanderschap’ van de a beau mentir qui vient de loin asielzwendelaar met fictieve naam en geboortedatum in een reisdocument dat hem direct na afgifte al dient om terug te reizen naar het land van waaruit hij ‘gevlucht’ is om handig de overtocht van de rest van de clan te regelen. Dus niet het ‘parkeerkaart Nederlanderschap’ van de neo-liberale hostile elite. Echt Nederlanderschap is méér dan dat en wie niet weet wat dat dan is – wie het niet voelt en het niet leeft – is geen echte Nederlander (meer). Zij die een andere geboortenationaliteit hebben (onze allochtonen) of daar aanspraak op kunnen maken (hun nageslacht) hebben ons respect: zij moeten vooral zijn wie ze zijn en zij mogen daar – althans in eigen kring – trots op zijn. Maar autochtone Nederlanders die hun eigen Nederlanderschap niet her-kennen, na-voelen en be-leven hebben ons respect niet. Autochtone Nederlanders die in zichzelf slechts een ‘wereldburger’, een ‘Europeaan’ of ‘gewoon niets’ zien zijn ófwel deel van de transnationale, kosmopolitische en oikofobe hostile elite, ófwel simpelweg de weg kwijt. De eerste groep mag wat ons betreft – bij voorkeur na restitutie van hun over de ruggen van het Nederlandse volk verdiende kapitaal – vertrekken om nooit meer terug te komen. De tweede groep mag zich wat ons betreft te zijner tijd aanmelden voor professionele detox therapie voor ex-Social Justice Warriors. Misschien dat zij dan een oude waarheid zullen leren: Er is maar één échte vulgariteit: niet te willen zijn, wie we zijn (Nicolás Gómez Dávila). Dat zij dan de vulgariteit doorzien van de kampvolgers van de hostile elite: de sado-masochistische transgender activist, de permanent-rancuneuze beroepsfeministe, de militant-atheïstische pseudo-intellectueel, de politiek-correcte censuurjournalist.

Het is uiteindelijk aan het Nederlandse volk om te bepalen wanneer het tijd is om zich te ontdoen van de hostile elite en haar Cultuurnihilistische ideologie. Tot die tijd is het de taak van IDNL om alternatieve perspectieven aan te dragen, zodat het Nederlandse volk weet dat er nog andere ideeën en krachten bestaan. Of de zaaier zijn oogst zal zien valt niet te voorspellen, maar dat ons geduldige en lijdzame volk tenslotte zijn gestolen land zal terugeisen is niet meer dan logisch. De vraag of is die eis op tijd wordt geformuleerd en bekrachtigd. Het simpele geloof dat het Nederlandse volk wél bestaat – tegen alle intellectuele ‘deconstructie’ en psyop manipulatie in – zal daarbij doorslaggevend zijn. Zoals de Heilige Schrift zegt:

Ik verzeker jullie: als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje,
dan zullen jullie tegen die berg zeggen:
Verplaats je van hier naar daar!’ en dan zal hij zich verplaatsen.
Niets zal voor jullie onmogelijk zijn.
– Mattheus 17:20

Alieni juris


(of: Bezet Nederland)

Het belangrijkste machtsmiddel van de hostile elite is haar status als bezettingsmacht: zij ontleent haar gezag aan het transnationale netwerk van instituties en constructies waarmee zij zich onttrekt aan nationale soevereiniteit en democratische controle. Eén van de duidelijkste symbolische uitingen van deze realiteit is de sinistere New World Order ‘Europa vlag’ van twaalf gouden pentagrammen op blauw die voor en over alle overheidsinstanties op gelijke hoogte hangt met de Nederlandse vlag: zij is de zichtbare uitdrukking van de grotendeels onzichtbare realiteit van bezetting, net zoals de tricolore en de Hakenkreuzflagge over Nederland hingen gedurende de Franse en Duitse bezettingstijd. Overeenkomstig deze realiteit zijn alle vitale attributen van de moderne natiestaat opgegeven: de nationale grenzen zijn afgeschaft door ‘Schengen’, de nationale munteenheid is afgeschaft door de ‘Euro’, de nationale economie is uitgeleverd aan ‘internationale marktwerking’, de nationale wetgeving is ondergeschikt aan ‘Europese wetgeving’ en ‘internationale verdragen’ en de nationale strijdkrachten staan onder ‘bondgenootschappelijke controle’. De globalistische dictatuur van de hostile elite heeft de uitvoerende macht systematisch gedelegeerd aan de transnationale prothesen die de geamputeerde attributen van de natiestaat moeten vervangen: ‘Frontex’, ‘ECB’, ‘IMF’, ‘WTO’, ‘Europese Commissie’, ‘VN’ en ‘NAVO’. Het resultaat is barbaarse invasie (‘arbeidsmigratie’, ‘vluchtelingenopvang’, ‘familiehereniging’), economische kaalslag (de-industrialisatie, outsourcing, privatisering), neo-liberale uitbuiting (ongecontroleerde bankendictatuur, institutionele woekerpraktijk, fiscaal-afgedwongen interetnische welvaartsredistributie), bestuurlijk luchtledig (‘terugtrekkende overheid’, ‘participatie samenleving’, ‘deregulering’), sociale ontwrichting (demografische implosie, etnische spanningen, endemische criminaliteit) en culturele verpaupering (academische ‘internationalisering’, artistiek ‘primitivisme’, laagletterig infotainment). Eén van de duidelijkste concrete uitingen van deze bezettingsrealiteit is de in stroom versnelling geraakte etnische vervanging, dat wil zeggen de systematische reductie van de inheemse westerse bevolking en de systematische kolonisatie van hun thuislanden door niet-westerse massa-immigratie. De inheemse bevolking wordt ingeperkt door cultureel-selectief anti-natalistisch sociaal beleid (hedonistisch-seksualiserende indoctrinatie, gesubsidieerde geboortebeperking, matrifocaal-matriarchale wetgeving) en gezinsondermijnende inkomenspolitiek (disproportionele fiscale druk op kostwinners, gesubsidieerd alleenstaand moederschap, tribuutplicht voor afgedankte echtgenoten). Tegelijk wordt de uitheemse bevolking niet alleen uitgebreid door na-reizende ‘gezinshereniging’ maar ook door cultureel-selectief pro-natalistisch inkomensbeleid via onverdiende toegang tot de inheemse sociale zekerheid (medische voorzieningen, sociale uitkeringen, kindertoeslag) en via extra ‘doelgroep’ faciliteiten die de inheemse bevolking niet alleen moet ontberen, maar ook nog moet betalen (‘huisvestingsvouchers’, ‘inburgeringcursussen’, ‘vluchtelingenbeurzen’). De voorkeursbehandeling van deze massa-immigratie neemt intussen perverse vormen aan. Terwijl inheemse bejaardenhuizen worden gesloten, worden immense asielopvangfaciliteiten bekostigd uit publieke middelen. Terwijl inheemse jonge gezinnen vaak jaren op een wachtlijst staan voor woonruimte, worden beroepswerkloze ‘statushouders’ met urgentie direct geplaatst. Terwijl inheemse burgers de administratieve-financiële koorddans van een repressieve bureaucratie moeten lopen, vinden verkrachtende, stelende en frauderende ‘asielzoekers’ hun ongestrafte weg tussen een chronisch onderbezette politie, een cynisch declarerende asieladvocatuur en een tandeloos dementerende rechtspraak.

Deze gang van zaken wordt binnenlands ingedekt door hersenspoelende schoolindoctrinatie en afstompende mediapropaganda, afgesteld op de cultuurnihilistische ideologie van de hostile elite en resulterend in een cultuur-relativistische ‘staatsreligie’. Het ‘civiel nationalisme’ is daarvan onderdeel: een giftige cocktail van neo-liberaal ‘calculerend burgerschap’ en cultuur-marxistisch ‘wereldburgerschap’. De cultuurnihilistische grondingrediënten van het civiel nationalisme creëren een anti-nationaal zoutzuur dat alle elementen van etnische identiteit aantast: het bio-evolutionaire element wordt aangetast door ‘homeopathische verdunning’, het godsdienstige element door militant secularisme en het taalkundige element door marktgerichte ‘internationalisatie’. Terwijl het ‘gewone volk’ van inheemse Europeanen verzinkt in de urbaan-hedonistische stasis en de psycho-historische trance die horen bij het sub-intellectuele en anti-rationele cultuurnihilistische discours, nadert de ‘lange mars door de instituties’ van de hostile elite haar voltooiing. De soixante-huitards babyboomers en hun matriarchaal-allochtone erflaters zien hun kans schoon voor een definitieve Griff nach der Weltmacht. Volgens hun nieuwe Reglen für den Menschenpark staat het ‘gewone volk’ – en de hele inheemse bevolking van Europa – schaakmat: het institutionele ‘democratische mandaat’ van de hostile elite en het humanistische ‘anti-discriminatie’ discours verhinderen binnen het vigerende bestel immers elk effectief verzet.

Toch is het bezettingsregime van de hostile elite verre van stabiel: het institutionele ‘democratisch mandaat’ en het humanistische ‘anti-discriminatie’-discours zijn flinterdunne illusies die in toenemende mate worden doorzien door het ‘gewone volk’. Men weet daar dat er allang geen sprake meer is van een werkelijk democratisch mandaat, en men haakt af. Diepgravende analyses van de kartelpolitiek en het geheime monsterverbond tussen neo-liberaal ‘rechts’ en regressief ‘links’ door de populisten van de PVV en intellectuelen van het FvD, hebben hun nut, maar het ‘volk’ weet allang dat het verraden is. Aanschouwelijke illustraties van de systematische electorale manipulatie van de parlementaire democratie middels import van honderdduizenden allochtone ‘kiesgerechtigden’ worden dagelijks geleverd door de onoverdachte aanspraak van een Marokkaans staatsburger als ‘voorzitter’ en de terloopse opname van een Turkse lobbygroep als partij in de Tweede Kamer. De legitimiteit van huidige regering die zich na de verkiezingsfarce op basis van de kleinst mogelijke Kamermeerderheid heeft geïnstalleerd bestaat alleen nog op papier. Met een aanhoudende stroom schandalen (fake news met de Lying Dutchman, doofpotterij met de dividendaffaire, corruptie op Derde Wereldniveau met het penthouse etc.) is ze erin geslaagd in recordtijd het laatste residu van publiek respect volkomen te verspelen. Met haar bewezen onvermogen tot de meest basale zelfcorrectie bewijst de heersende hostile elite dat zij definitief heeft gekozen voor een Flucht nach vorne – de zombieske transformatie van ‘regering’ naar regime is begonnen. Dit verklaart symptomen zoals de afschaffing van het raadgevend referendum (het afkappen van de laatste democratische ankerlijnen) en de invoering van de sleepwet (de overgang naar een onverhulde politiestaat). Uiteindelijk ontpoppen de nationale zetbazen van de globalistische bezettingsmacht zich zo tot simpele collaborateurs: zij verraden hun land en volk voor een handvol zilverlingen. Het gezag van onze regering verschuift zo langzaam maar zeker richting nul: als bezettingsregime speelt zij nu openlijk de rol van de onbetrouwbare huishoudhulp die een demente bejaarde in eigen huis berooft, de wrede stiefvader die zijn weerloze stiefdochter misbruikt en de valse herder die de aan hem toevertrouwde schaapskooi opent voor de wolf.

E pluribus unum


(of: Eén volk onder God)

De metapolitieke inzet van IDNL is: het beschermen, herstellen en hernieuwen van de Nederlandse identiteit. Het strategische uitgangspunt van IDNL is: het Nederlandse volk is een organische eenheid en het belang van het Nederlandse volk heeft voorrang boven het belang van haar samenstellende delen. De vele splijtzwammen waarvan de kartelpolitiek zich heeft bediend in haar decennialange verdeel en heerspolitiek zijn vanuit die optiek hersenschimmen. We moeten hier een paar van die ‘splijtzwammen’ expliciet benoemen en ontkrachten:

(1) Voor IDNL is het door de hostile elite altijd sterk benadrukte verschil tussen hoog- en laagopgeleid een vals probleem. Het gaat hierbij immers om de binnen elk groter volksorganisme noodzakelijke zichtbare verschillen in natuur en cultuur die samenhangen met arbeidsdifferentiatie en sociale functionaliteit. Voor IDNL is de meest bescheiden handarbeider die zich schikt naar de plichten van zijn geslacht, stand, gezin en geloofsgemeenschap volstrekt gelijkwaardig aan zijn meest hooggeboren, meest welvarende en meest getalenteerde medeburger – en veruit superieur aan de arrogante ‘wereldburger’ die met zijn mooie opleiding en grote geld op zijn eigen volk neerziet.

(2) Voor IDNL is het oude verschil tussen de standen – monarchie, adel, kerk, academie, patriciaat, burgerij – al evenzeer een vals probleem. Het gaat hierbij wederom om een natuurlijke hiërarchie en een noodzakelijke taakverdeling. Om ons volk samen gestalte te geven en voorwaarts te bewegen moet iedereen de natuurlijke realiteit van geboorteverschillen accepteren en op zijn eigen plaats zijn eigen werk zo goed mogelijk doen. Het is daarbij belangrijk afstand te nemen van de neo-liberale en neo-socialistische ideologie van ‘klassenstrijd’ – een ideologie van afgunst en jaloezie. Die ideologie is feitelijk tegennatuurlijk want: Mensen bewonderen alleen echt, wat niet kan worden verdiend: hoge geboorte, talent en schoonheid (Nicolás Gómez Dávila). Ieder dient zijn eigen natuurlijke plaats in te nemen, overeenkomstig zijn aangeboren privileges en talenten – en daarvoor respect te krijgen. Dat betekent dat de koning doet wat hij hoort te doen: regeren als staatshoofd – en wel zonder dat een laaghartige hostile elite hem eerst degradeert tot een decoratief ornament en hem daarna beticht van parasitaire nietsnutterij. Dat betekent dat de adel doet wat hij hoort te doen: het land beschermen in leger en diplomatie – en wel zonder kosmopolitisch internationalisme en decadente gezapigheid. Dat betekent dat de kerk doet wat zij hoort te doen: zich toeleggen op onderwijs, ziekenzorg, armenzorg en zielzorg – en niet als hyperaltruïstische aberratie door illegaliteit en mensensmokkel te faciliteren, maar als basale taak naar het eigen volk. Dat betekent dat de academie – hoger onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en hoge kunst – doet wat zij hoort te doen: het volk opvoeden, inspireren en dienen – zonder te vervallen tot een snobistisch baantjescarrousel voor politiek-correcte zakenjongens, rancuneuze feministen en ambitieuze ‘troetelallochtonen’. Dat betekent dat het patriciaat doet wat zij hoort te doen: welvaart te scheppen door handel en industrie – en wel zonder te vervallen in losgeslagen globalisme en een ziekelijke offshore-mentaliteit. Dat betekent dat de burgerij – het ‘gewone volk’ – doet wat het hoort te doen: werken en gezin-zijn – zonder dat zij zich verliest in een gemakzuchtige snel- en zwartgeld mentaliteit en in onverantwoordelijke wegwerprelaties.

(3) Voor IDNL is het verschil tussen inkomensgroepen – arm en rijk- alweer een vals probleem. Het gaat hierbij om een natuurlijk gegeven dat zo oud is als de wereld: het gaat om een verschil in lot dat we geroepen zijn voor elkaar dragelijk te maken door doorgeschoten extremen te vermijden – en elkaar het licht in de ogen te gunnen. Hierbij geldt: het Nederlandse volk is van nature solidair, matig en rechtvaardig en kan met die eigenschappen gemakkelijk al te grote verschillen corrigeren door genereuze liefdadigheid en efficiënte ondersteuningsmechanismen – ons sociaal zekerheidsstelsel is daarvan het bewijs, maar moet blijven gereserveerd voor het volk bij wie het past en dat het draagt. Dat betekent een volmondig nee tegen neo-liberaal en pseudo-christelijk sociaal-darwinisme: tegen de race to the bottom tussen onze arbeiders en ‘arbeidsmigranten’, tegen het weghalen van middelen bij onze bejaarden en zieken ten bate van ‘asielzoekers’, tegen de investeringsstrategie en de onroerend goed exploitatie van de babyboomers ten koste van onze jongeren in onbetaalde stages, eindeloos flexwerk en een onmogelijke woningmarkt.

(4) Voor IDNL is het verschil tussen levensbeschouwingen – godsdiensten, wereldbeelden en politieke overtuigingen – eveneens een vals probleem. Deze grote verscheidenheid is sinds Nederland een zelfstandige staat is een vast gegeven in onze geschiedenis: het Nederlandse volk heeft een individualistisch volkskarakter en een sterke neiging tot non-conformistische gedachte-experimenten – waar twee Nederlanders samen zijn, zijn er (tenminste) drie meningen. Hierbij geldt: al deze individuele overtuigingen samen zijn noodzakelijk deeltjes van ons spirituele en culturele erfgoed – ze creëren samen een kritieke massa van waardevolle (reserve)opties en (terugval)posities die een adequate respons garandeert voor huidige en toekomstige problemen. De recente partijeninflatie is hiervan het levend bewijs: nu de reguliere machtspartijen zich hebben verenigd in het kartelblok, vindt onmiddellijk een veelheid aan belangengroepen een weg naar de politiek om noodzakelijke en urgente punten te agenderen. Zo is de SP een directe reactie op de structurele armoede en jeugdwerkloosheid die werden gecreëerd door het vroege neo-liberalisme van Lubbers en het verraad van Kok. Zo is 50+ een directe reactie op het schofferen van bescheiden AOWers en weerloze bejaarden in verzorgingstehuizen. Zo zijn GL en de PVDD een directe reactie op door de elite genegeerde – want dure – problemen als de escalerende milieuverontreiniging, de verzwegen klimaatcatastrofe en de onmenselijke bio-industrie. In de Nederlandse context is de identitaire beweging gehouden deze voor ons volk typische pluraliteit in gezindten te respecteren en te benutten: dit is waartoe ons nieuwe monopolie op de ethiek ons verplicht. Binnen onze beweging horen al hun waarheden en wensen thuis, mits geleid binnen het kader van het gemeenschappelijk belang van alle Nederlanders: het behoud van onze gemeenschappelijke identiteit. Verenigbaar met dit belang zijn de vrijheid en de democratie die door het partijkartel worden verkondigd – maar alleen in juiste dosering. Absolute vrijheid en absolute democratie zijn dodelijk voor elke authentieke gemeenschap. IDNL verwerpt absolute vrijheid en absolute democratie als lege slogans die door de hostile elite worden misbruikt om aan het Nederlandse volk uitbuiting van buiten (het globalistische bankiersregime van de VVD) en anarchie van binnen (de matriarchale anti-rechtstaat van de D66) op te leggen. IDNL verwerpt ook tot in absurd hyperaltruïsme doorgetrokken noties van ‘tolerantie’ die leiden tot nihilistisch geïnspireerde omvolking en islamistisch geïnspireerd terrorisme. De desbetreffende dwalingen van de rechterlijke macht en de zelfcensuur van de systeempers moeten een gepast antwoord vinden. Wat IDNL betreft behoort de échte hostile elite – zij die willens en wetens ons land en ons volk in de afgrond voeren met deze slogans en drogredeneringen – niet langer tot ons volk.

Dura lex sed lex


(of: Streng maar rechtvaardig)

Er zijn een aantal urgente problemen die de identitaire beweging speciaal ter harte gaan: de antropogene klimaatscatastrofe die onze natuurlijke biotoop aantast, de transhumanistische technologie die onze menselijke wezensaard aantast en de sociale implosie die onze gezinnen en onze samenlevingsverbanden aantast. Maar het meest urgente probleem is zonder meer de etnische vervanging. Bij het huidige tempo van het omvolkingsproces – een combinatie-proces van inheemse sui-genocide en massa-immigratie – zal er over een paar decennia überhaupt geen Nederlands volk meer bestaan; zorgen over zaken als klimaatsverandering, transhumanisme en sociale implosie zijn daarom secundair. Directe en ingrijpende maatregelen zijn nodig om de vervanging van het Nederlandse volk te stoppen – zonder een herstel van authentieke autoriteit en een uitoefening van effectief gezag bereikt de omvolking binnen enkele jaren een point of no return. Het vreemdelingenvraagstuk is daarmee de hoogste prioriteit van IDNL. Uit hoofde van haar ethische uitgangspunt wijst IDNL racistisch extremisme en elke vorm van een geweldadige Endlösung af. IDNL ziet geweld en mensenverachting overigens niet alleen als ethisch verwerpelijk, maar ook als uitermate on-Nederlands. Wat IDNL voorstaat is een oplossing van het vreemdelingenvraagstuk die realistisch en effectief is, maar zonder te vervallen in onredelijkheid en onrechtvaardigheid. Het is daarbij belangrijk heel precies te analyseren wat de oorzaak en aard van het vreemdelingenvraagstuk nu eigenlijk zijn.

Voor IDNL zijn de vreemdelingen die legaal in ons land zijn en zich aan de wet houden niet de vijand – onze vijand is de hostile elite die de staatsmacht misbruikt om ons volk door vreemdelingen te vervangen. De hostile elite gebruikt de vreemdelingen als loonkosten-drukkende arbeidsreserve, als prijs-opdrijvende consumptie-massa en als electoraal-doorslaggevend stemvee – het gebruikt hen tegen ons. De vreemdelingen dragen geen schuld voor deze situatie: de hostile elite gebruikt hen als de facto slaven – zij vormen een nieuwe klasse van horigen die niet anders kan dan zich vastklampen aan hostile elite, want hun genadebrood en hun hoekje bij het vuur danken zij volledig aan de hostile elite. Diep van binnen haten zij hun meesters: zij voelen zich als slaven – discussies als over ‘slavernij’ en ‘Zwarte Piet’ bewijzen het. En zij klampen zich vast aan het beetje identiteit dat zij nog over hebben in hun getto’s: de kinderen en kleinkinderen van de slaven herbezinnen zich over hun half-vergeten roots – bewegingen als het ‘islamisme’ en ‘Black Power’ bewijzen het. Ten diepste ervaren zij de hostile elite net als wij – als de vijand. In deze zin zijn zij zonder meer beter af bij IDNL dan bij het huidige establishment: wij respecteren de échte identiteit van de vreemdelingen en nodigen hen uit hun identiteit vooral vast te houden en te herontdekken. Voor ons is een Marokkaan die zich Marokkaan voelt en zijn Marokkaan-zijn oprecht beleeft veruit superieur aan een ‘maatschappelijke geïntegreerde’ vlees-noch-vis mens die niet weet wie hij is, waar hij vandaag komt en waar hij heen gaat. Als die échte Marokkaan weet dat bij ons volk te gast is, zich als gast gedraagt en zich niet stiekem probeert de spullen, de dochters en het huis van zijn gastgever toe te eigenen, dan heeft hij ons respect als gast. Met deze houding – tegelijk respectvol en streng – voegt IDNL zich naar het nieuwe monopolie van de identitaire beweging op het ethische discours. Onze waarden en normen staan ver boven die van de hypocriete Gutmensch weekdieren van het postmoderne cultuurnihilisme: de politiek-correcte hostile elite weigert structureel alle vormen van authentieke identiteit – geslacht, leeftijd, talent, stand, godsdienst, identiteit – te herkennen en te respecteren. De hostile elite kent slechts deconstructie en nivellering, Entfremdung en anomie.

Het moet gezegd zijn: de vreemdelingen in ons land zijn vooralsnog onze gasten – grotendeels ongenode gasten, maar gasten niettemin. Wij dienen ons als gastgevers te gedragen – met hoffelijkheid en gastvriendschap waar mogelijk, met duidelijke leefregels en strenge maatregelen waar nodig. Gasten dienen zich als gasten te gedragen – niet alleen door aanpassing aan de huisregels en door respect voor de huiseigenaar, maar ook met bescheidenheid en dankbaarheid voor het gedeelde onderdak en het gedeelde eten. Voor zover ze zich als bescheiden gasten opstellen kunnen ze blijven zolang ze welkom zijn. In eenvoudig Nederlands heet dat ‘welkom zijn’ meestal: zolang ze zich netjes gedragen, werken voor hun eigen kost en bijdragen aan het gemeenschappelijke huishouden. Maar de in ons land verblijvende vreemdelingen die dat niet kunnen, willen of te moeilijk vinden zullen moeten vertrekken – liefst door vrijwillige remigratie op basis van bescheiden premies en uitkeringen. De premies en uitkeringen voor deze groep – die kunnen worden verrekend met de huidige sociale lasten en de huidige ontwikkelingssamenwerking – zijn een waardevolle investering: ze kosten slechts een fractie van wat langer verblijf van deze groep zal kosten en stellen remigranten in staat met dankbaarheid naar achter en opgeheven hoofd naar voren terug te keren naar hun eigen landen. IDNL staat niet voor macabere ‘treinen naar het oosten’, maar voor comfortabele ‘vliegtuigen naar het zuiden’. Voor iedere groep vreemdelingen gelden daarbij, overeenkomstig het ethisch principe van IDNL, eigen regels. Een arme Indische weduwe die na de onafhankelijkheid van Indonesië naar Nederland vluchtte is niet hetzelfde als een asielfraudeur. Een hardwerkende Chinese restauranthouder die zijn leven lang netjes belasting heeft betaald is niet hetzelfde als een terugkerend jihadist. Een brave Surinaamse moeder die haar leven lang bejaarden heeft verzorgd is niet hetzelfde als een dubbel-paspoortige drugscrimineel. In volgorde van opgebouwde historische rechten kunnen we ruwweg vijf groepen onderscheiden.

(1) ‘Ex-kolonialen’ (Indiërs, Chinezen, Molukkers, Surinamers en Antillianen), zij die uit de vroegere Nederlandse overzeese gebiedsdelen voor en rond de onafhankelijkheid naar Europees Nederland zijn gekomen, hebben historisch gesproken een onvoorwaardelijk verblijfsrecht, maar krijgen – voor zover ze niet zelf terug willen met een remigratie-uitkering of volledig willen assimileren – de optie om met eigen rechten, faciliteiten en wijken als afzonderlijke gemeenschappen te blijven leven in Nederland. (2) ‘Gastarbeiders’ en ‘arbeidsmigranten’, netjes vergezeld door hun families, gaan wanneer zij werkloos, arbeidsongeschikt en gepensioneerd zijn gewoon terug naar hun eigen land – met hun spaargeld en een bij hun situatie passende uitkering. (3) ‘Vluchtelingen’ – een groep die grotendeels tegen dwars tegen de (inter)nationale wetgeving en onze eigen belangen in onterecht verblijfsstatus heeft gekregen – worden streng herbeoordeeld en gaan voor zover te licht bevonden, ook netjes vergezeld door hun families, terug naar hun eigen land met een bescheiden remigratie-uitkering. (4) Binnen deze groepen zullen zich sporadisch mensen bevinden die door familiebanden en arbeidsverleden nagenoeg streeploos zijn opgegaan in de Nederlandse samenleving – deze mensen zullen alsnog in de gelegenheid worden gesteld dit te bewijzen via een ‘assimilatie’ procedure. Voor niet-Westerse vreemdelingen zullen echter strenge assimilatie eisen gelden: een nieuwe Nederlandse voor- en achternaam, een bewezen Christelijke of humanistische identiteit, een volmaakte kennis van de Nederlandse taal en een voorbeeldige levensloop. (5) Even strenge omgang is vereist met vreemdelingen die willens en wetens hun gaststatus hebben verspeeld: terroristen, extremisten, criminelen, fraudeurs en zedendelinquenten – zij zullen zonder oponthoud en zonder pardon worden gedeporteerd. Zoals de Heilige Schrift zegt: Worden de bozen begenadigd, dan leren zij nooit wat recht is: waar recht is blijven zij onrecht plegen (Jesaja 26:10). Geen bezwaar- en beroepsprocedures, geen ‘humanitair’ uitstel, geen huilverhaal: zij gaan eruit – het Nederlandse volk is klaar met hen.

De vreemdelingen die als gasten overblijven na voltooiing van het remigratie- assimilatie-deportatie programma geldt dat zij kunnen blijven op basis van soevereiniteit in eigen kring, zoveel mogelijk met eigen rechten, eigen voorzieningen en – voor zover men dat zelf wil – eigen woongebieden. De ex-koloniaal, de werkende gastarbeider en de incidentele échte vluchteling kunnen zo in Nederland opteren voor het vasthouden van hun eigen identiteit. Dit betekent voor onze overblijvende gasten: vrijwillige segregatie, met dien verstande dat remigratie, assimilatie maar ook deportatie voor hen altijd mogelijk blijven. Dit betekent voor de Nederlandse gastgevers: een einde aan de permanente financiële last en ondragelijke sociale overlast die voortvloeit uit de huidige aanwezigheid van massa’s onwelkome vreemdelingen: free riders die onassimileerbaar zijn in ons volk en die onproductief blijven in onze samenleving. De regel van IDNL is: geen cent en geen hamerslag voor deze free riders zolang één Nederlandse zwerver geen dak boven het hoofd kan vinden, zolang één Nederlandse familievader zijn familie niet kan onderhouden is en zolang één Nederlands meisje zich moet prostitueren. Zoals de Heilige Schrift zegt: Het is niet goed het brood der kinderen te nemen en het de honden voor te werpen. Een andere regel van IDNL is: terroristen, extremisten criminelen, fraudeurs en zedendelinquenten moeten zó bang worden dat zij uit zichzelf vertrekken.

Dit is dus het vier-punten programma van IDNL ten aanzien van het vreemdelingen vraagstuk: (a) onverbiddelijke deportatie voor de wolven in onze schaapskooi, (b) nette remigratie voor vreemdelingen die niet (meer) kunnen of willen werken, (c) vrijwillige segregatie voor vreemdelingen die hier voor zichzelf willen zorgen en zichzelf willen blijven en (d) assimilatie voor een selecte groep verdienstelijke vreemdelingen. Dit is rechtvaardigheid – en rechtvaardigheid, niet opportuniteit, is het criterium van IDNL. Het echter evident dat deze principes en regels nooit zullen worden toegepast zolang de hostile elite aan de macht is: zij zal nooit ophouden haar asielindustrie en slavenelectoraat te subsidiëren. Het is daarom de eerste opgave de identitaire beweging het tapijt onder de voeten van de hostile elite weg te trekken: te laten zien dat zij legitimiteit noch geloofwaardigheid meer bezit, en een alternatief discours aan te dragen.

Ad astra per aspera


(of: De poolster van de Vliegende Hollander)

Het is duidelijk dat rechtvaardigheid een begrip uit het historisch rariteitenkabinet zal blijven zijn zolang karikaturale matriarchen als Kasja Ollongren en Janine Hennis ‘verantwoordelijk’ zijn voor de veiligheidsdienst en de krijgsmacht. Zolang ons zo geduldige en zo lijdzame volk de door de hostile elite aangestelde en zich als ‘regering’ betitelende boevenbende van het dubbel neo-liberale/cultuur-marxistische partijkartel blijft tolereren zal de omvolking gewoon doorgaan – letterlijk links om of rechts om. Voor elke kabinetstermijn – ongeachte de ‘leiding’ ervan door een Kok, een Balkenende, een Rutte of een Dijkhoff – komt er in Nederland een allochtone populatie bij ter grootte van de stad Utrecht. Het politiek-correcte establishment heeft zich voorgoed gediskwalificeerd door het dirigeren, faciliteren en negeren van dit volksverraad. Het toekomstig politieke toneel heeft geen plaats voor beide: ófwel de hostile elite blijft staan en het volk verdwijnt, ófwel het volk blijft staan en de hostile elite verdwijnt. De arrogante demofobie en doctrinaire oikofobie van de hostile elite laat zien dat zij op de eerste optie gokt. Het is aan de identitaire beweging om het anders te laten aflopen. Er is hoop dat het Nederlandse volk wint – dat wij winnen – want, om met Rutte te spreken: wij zijn met meer.

Daarnaast is de diepte van de Nederlandse volksziel nog niet gepeild. Gedurende zijn bewogen geschiedenis heeft het Nederlandse volk bewezen een uitzonderlijke veerkracht te bezitten: het heeft het Spaanse wereldrijk ten val gebracht, de Engelse zeemacht vernederd en de Franse Zonnekoning weerstaan. Het Nederlandse volk kan ook de crisis van het postmoderne Westen overleven en zich dwars door alle obstakels heen een weg naar de toekomst open hakken – het hoeft slechts zijn kracht te kennen en zijn gewicht te doen gelden. Maar ‘toekomst’ is een vrouwelijk woord: als men haar wil veroveren moet men niet wachten – men moet op haar toelopen en haar leren kennen. De opkomst van Pim Fortuyn bewees hoe het Nederlandse volk droomt van een toekomst die anders is dan het verspilde verleden en het perverse heden: slechts met politieke sluipmoord kon het establishment verhinderen dat deze droom uitkwam. Maar de hostile elite kan niet het hele volk vermoorden als het opstaat als één man met één droom. Een breedgedragen en alle taboes doorbrekende Identitaire Beeldenstorm kan de heilige huisjes van de hostile elite – inclusief het kaartenhuis van de weggecensureerde omvolking – in een adem wegblazen. Het verrotte huis van het baby boomer establishment staat al op instorten. De boodschap van IDNL als stormvogel van de zich aan de horizon van het postmoderne Westen aftekenende archeo-futuristische revolutie is daarom deze: de onzinkbaar geachte Titanic van het cultuurnihilisme is onherstelbaar beschadigd – de schotten van kartelmachinaties en mediacensuur mogen dan het ondergangsproces nog enige tijd rekken, maar de hostile elite is gedoemd. De wind van de geschiedenis is omgeslagen en de identitaire beweging heeft haar gestaag aanwakkerende kracht vol in de zeilen.

De tijd is gekomen om het Nederlandse schip van staat op juiste koers te zetten zodat het deze storm uit kan rijden op een veilige rede. Het roer moet de piratenkliek uit handen worden genomen: de hostile elite wil en kan niet terug naar de thuishaven, maar de gevangen genomen bemanning wil niet als slaven worden verkocht. Het is tijd voor kapitein (koningshuis), officieren (adel, kerk, academie) en bemanning (patriciaat, burgerij) om gezamenlijk op te staan, de piratenkliek overboord te gooien, het schip om te draaien en terug te keren naar de thuishaven. En als kapitein en officieren worden gegijzeld, dan is het aan de bemanning hen te bevrijden en op hun plaats terug te zetten. Ook als dit een bijna onmogelijke opgave lijkt, zijn wij het aan onze vrouwen, kinderen en kleinkinderen verplicht het onwaarschijnlijke waar te maken. Wij kunnen hen niet als weduwen en wezen prijsgeven aan piraten en slavenhandelaars. Als u uw plicht nú doet dan zult u zich niet straks hoeven schamen, wanneer u in het hiernamaals naast uw dappere voorvaderen staat. De geschiedenis lost problemen niet op, maar begraaft ze (Nicolás Gómez Dávila) – laat ons samen het regime begraven.

___

IDNL (Identitair Nederland) is een opbouworganisatie voor de identitaire beweging in Nederland. Wij organiseren geregeld bijeenkomsten en lezingen voor politiek geïnteresseerden. Voor vragen en contact klikt u hier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *